Slijtageslag in tijden van tuberculose: Sekseverschillen in de daling van longtuberculosesterfte in Maastricht, 1864-1930
DOI:
https://doi.org/10.21827/groniek.241.43362Abstract
In de afgelopen tweehonderd jaar hebben zich drastische veranderingen voorgedaan in de levens van gewone mensen, niet in het minst in de duur van hun levens. Waar rond 1860 de gemiddelde levensverwachting bij geboorte in Nederland nog net onder de veertig jaar lag, was dit in 2000 al ruim boven de zeventig jaar. Wereldwijd is deze gemiddelde levensverwachting bij geboorte sterk gestegen, vooral doordat zuigelingen en jonge kinderen tegenwoordig kunnen ontkomen aan een vroegtijdige dood. Doorgaans overlijden mensen nu niet meer aan een van de vroeger veelvoorkomende infectieziekten, maar dient zich aan het einde van een lang(er) leven een aandoening aan die de tijd nodig heeft gehad om zich te ontwikkelen; een degeneratieve aandoening zoals hart-en-vaatziekte of een vorm van kanker. Op welke manier deze ontwikkeling heeft plaatsgevonden en waarom, is nog altijd onderwerp van onderzoek en debat.